Samenvatting - TRiSL

Stel je voor dat er een grote ramp is gebeurd, bijvoorbeeld een vliegtuigcrash of een kettingbotsing in een tunnel. Overal liggen slachtoffers en al deze slachtoffers moeten zo snel mogelijk geholpen worden om erger te voorkomen.
Tijdens dit project is er van een dergelijk ongeval een simulatie gemaakt in Second Life. Hierbij zijn er twee varianten: één waarbij het medische team volgens de traditionele manier te werk gaat en één waarbij zij worden ondersteund door communicatiemiddelen en resource allocatie.

In het eerste scenario verzamelt het medische team zich bij de verzamelplaats en gaan zij op de traditionele manier te werk. Verkenners gaan op zoek naar slachtoffers en als er een slachtoffer is gevonden wordt er triage uitgevoerd. (Triage is de selectie en rangschikking van slachtoffers bij rampen voor een snelle specialistische behandeling.) Zodra een verkenner een X-aantal slachtoffers heeft gevonden en geprioriteerd, keert hij terug naar de verzamelplaats. Als hij hier aankomt worden de slachtoffers bekend gemaakt aan de hulpverleners. De verkenners gaan weer verder zoeken en de hulpverleners gaan de gevonden slachtoffers behandelen. Wanneer alle slachtoffers geholpen zijn, of niet meer te redden zijn, is het eerste scenario afgelopen.

In scenario twee worden, om het medische team te ondersteunen, communicatiemiddelen en resource allocatie ingezet. Een resource allocatie algoritme wordt gebruikt om de beschikbare middelen (de hulpverleners) zo efficiënt mogelijk te verdelen (over de slachtoffers). Verkenners gaan weer opzoek naar slachtoffers. Zodra er één slachtoffer gevonden en geprioriteerd is, wordt deze ingevoerd in het communicatiemiddel. Zo hebben de hulpverleners direct een overzicht met de posities van alle slachtoffers en diens verwondingen. Vervolgens wordt met behulp van de resource allocatie bepaald welk slachtoffer de hulpverlener moet gaan helpen. Deze beslissing hangt af van een tweetal factoren: de ernst van de verwondingen en de afstand van de hulpverlener tot het slachtoffer. Verkenners en hulpverleners hoeven niet steeds terug te keren naar de verzamelplaats om de meest actuele informatie in hun bezit te krijgen.

De vraag die uiteindelijk beantwoordt moet worden: "Kan met behulp van communicatiemiddelen en resource allocatie het aantal dodelijke slachtoffers bij een grote ramp verminderd worden?".
Het gevoel zegt dat er bij de twee scenario's een verschil moet zijn in de prestatie van het medische team. Aan mij de taak om dit te demonstreren in een simulatie in Second Life.

Toen ik aan de opdracht begon heb ik eerst bepaald welke ontwikkelmethode ik ging gebruiken voor de realisatie van de simulatie. Hierbij heb ik vijf ontwikkelmethoden onder de loep genomen: de Watervalmethode, Scrum, DSDM, RUP en XP. Vervolgens heb ik onderzocht wat de mogelijkheden waren van LSL. (Linden Script Language is de programmeertaal van Second Life.) Daarna ben ik gaan kijken wat triage precies inhield en hoe dit uitgevoerd werd. Zodoende kwam ik bij START (Simple Triage and Rapid Treatment), een methode om triage uit te voeren.

Na deze vooronderzoeken was er genoeg kennis aanwezig om te beginnen met de ontwikkeling van de opdracht. Omdat ik had gekozen voor de ontwikkelmethode DSDM (Dynamic System Development Method), moest ik een vijftal fasen doorlopen. In de eerste fase, het haalbaarheidsonderzoek, werd er gekeken of het project überhaupt wel haalbaar was. Tijdens de tweede fase, het bedrijfsonderzoek, werden de processen van de slachtoffers, verkenners en hulpverleners uitgewerkt. De derde fase is het functioneel model, hier werden de eisen in kaart gebracht, de GUI's getekend en de database ontworpen. Daarna brak de fase systeemontwerp en -bouw aan en kon de daadwerkelijke ontwikkeling beginnen. De scenario's werden ontwikkeld en vervolgens getest. In de laatste fase, de implementatie, werden de benodigde handleidingen gemaakt en werd het gehele project overgedragen aan Sogeti Nederland BV en D-CIS Lab.

Click here for the English version of this summary.